Alleen geregistreerde gebruikers kunnen reageren op het Forum. Door je aan te melden, sluit je je aan bij een community van liefhebbers en professionals die geïnteresseerd zijn in de Amsterdamse School en hier graag kennis over uitwisselen.

  woensdag, 22 december 2021
  3 Replies
  322 Visits
1 maand geleden
·
#5483
De foto's van de andere glas in lood ramen.
1 maand geleden
·
#5482
De bouw van deze synagoge is het gevolg van een conflict binnen de Joodse gemeente. Er was in 1851 besloten om de voorzanger hulp te geven van een zangkoortje. Een aantal gemeenteleden waren het hier niet mee eens. Dat conflict liep zo hoog op dat het zelfs tijdens een synagoge dienst tot een handgemeen kwam. De politie moest hierbij zelfs ingrijpen om erger te voorkomen. De orthodoxen, de mensen die tegen het zangkoortje waren, besloten zich af te scheiden. Zij stichten in 1852 hun eigen gemeente ‘Tesjoe’at Jisra’el’, genaamd. Dit betekent ‘de redding van Israël.’ Zij bouwden in 1856 een eigen synagoge aan het Zuiderdiep.(Zie bijlage) De drijvende kracht achter deze gemeente was Samuel Joseph van Ronkel. Hij schreef in 1856 het programma voor de inwijding van de eigen synagoge aan het Zuiderdiep, in vloeiend Hebreeuws. Maar die nieuwe orthodoxe gemeente leidde spoedig een kwijnend bestaan. In 1881, dus vijfentwintig jaar later, sloten ze zich alweer aan bij de grote synagoge in de Folkingestraat.
In 1933 heeft Architect Johannes Prummel het plan gemaakt om de bouwvallige synagoge te slopen. Hij verving deze voor een winkelhuis met bovenwoning in de stijl van de Amsterdamse School. Dit is het huidige pand aan het Zuiderdiep 49. (1)
Het gangetje naast het pand is nog origineel en leidde naar de woning van Van Coevorden die als ‘koster’ fungeerde en achter de synagoge woonde. In de nieuwbouw zit aan de oostkant van het gebouw nog een glas in lood raampje waarop de synagoge te zien is. Dit raam is alleen vanuit de binnenkant goed zichtbaar. (Zie bijlage) Heel opmerkelijk is het feit dat de huidige eigenaar van de winkel nu nog rekening moet houden met de plaats waar zich ooit de ark met de heilige rollen bevond. In de koopakte van 1933 is dit zeer nauwkeurig vastgelegd. Deze bepaling bezit nog steeds rechtsgeldigheid. In de betreffende akte staat vermeldt dat: op noch boven de plaats, waar zich thans de Heilige Arke bevindt, zal mogen worden aangebracht een bad, wasch of toiletinrichting, op straffe van eene boete van twintig duizend gulden voor elke daad van overtreding door iedere kooper verschuldigd aan – en terstond vorderbaar door de Nederlandsche Israelietische Gemeente te Groningen. (2)

1. Stefan van der Poel, Joodse Stadjers. De joodse gemeenschap in de stad Groningen 1796-1945 (Groningen 2004) 55-71. 2.van der Poel, Joodse Stadjers, 154.
  • Pagina :
  • 1
Er zijn nog geen reacties op dit bericht.
Plaats als eerste een reactie.

Selecteer de taal