Introductie

Een van de vijf nagenoeg identieke ballenbruggen van Piet Kramer. Dit is - na een verhuizing - een van de weinige Amsterdamse Bos bruggen die ook daadwerkelijk in de gemeente Amsterdam ligt!

Specificaties

Officiële of officieuze naam Brug 516, Amsterdamse Bos
Type object Brug
Materiaal Staal, Hout, Beton
Huidige staat
Adres(sen) Jachthavenweg
Postcode(s) 1081 KE
Plaats (provincie) Amsterdam (Noord-Holland)
Land Nederland
Opdrachtgever(s) Gemeente Amsterdam
Betrokken architect(en) Piet Kramer, Publieke Werken
Betrokken kunstenaar(s)
Geplaatst in 1938
Huidige eigenaar Gemeente Amsterdam
Soort monument
Monumentnummer

Achtergrond

Tijdens grote roeiwedstrijden op de Bosbaan krijgt de Bosbaanweg de functie van volgweg. Het normale verkeer heeft dan geen doorgang. Vanuit het bos aan de zuidzijde van de roeibaan, wordt de weg onbereikbaar gemaakt door het openzetten van bruggen. De toegankelijkheid van het gebied rond het openluchttheater kan met ophaalbruggen worden ingeperkt. Hiervoor ontwierp Kramer een serie zogeheten 'ballenbruggetjes' over de ringsloot om het Openluchttheater heen. Het zijn ophaalbruggetjes die volgens het principe van Bernard Forest de Belidor (1693-1761) functioneren. De Franse ingenieur schreef o.a. de “Architecture hydraulique” in vier delen en de wetenschappelijke resultaten van zijn studie werden tot 1830 internationaal gebruikt. Kramer gebruikte deze oude constructie als een 'grap' om de bruggetjes makkelijk te bedienen. De ballen dienden hierbij als contragewicht om de brug te kunnen openen.

Brug 516, brug 519, brug 520, brug 530 en brug 531 zijn vrijwel identiek. Oorspronkelijk lag dit bruggetje tussen Bosbaan en Bostheater in. Brug 516 werd in de jaren negentig verplaatst naar de Jachthavenweg, toen de terreinen hier opnieuw werden ingericht in verband met de komst van een sportpark. Daarmee is dit bruggetje een van de weinige Amsterdamse Bos bruggen die daadwerkelijk in de gemeente Amsterdam ligt. (De rest ligt op het grondgbeied van de gemeente Amstelveen, maar Amsterdam is eigenaar en beheerder van het Amsterdamse Bos en dus ook de bruggen.)

Exterieur

De techniek van het ophaalsysteem bepaalt de vorm van deze bruggen. Om de nadruk op de techniek te houden, zijn de leuningen en het loopdek bijzonder eenvoudig gehouden. De ballenbrug wordt opengezet door de bovenste bal naar beneden te drukken. Het brugdek, de klap genoemd, gaat omhoog terwijl de stalen ballen aan de ketting tegenwicht bieden. Hoe hoger de klap komt, hoe minder tegenwicht nodig is. Dit is opgelost doordat de ballen achter elkaar in een houten goot terecht komen. Eenmaal liggend in de goot doet het gewicht van de bal niet meer mee in de hefbeweging.

De houten onderdelen waren oorspronkelijk niet geschilderd en zijn vervangen. De blauwgekleurde stalen onderdelen zijn oorspronkelijk.

Gebruikte bronnen

1. Wim de Boer en Peter Evers, Amsterdamse bruggen, 1910-1950 (Amsterdamse Raad voor de Stedebouw 1983).
2. Sebas Baggelaar en Pim van Schaik, Piet Kramer. Bruggenbouwer van de Amsterdamse School (Stokerkade 2016).
3. Plattegrond (met brugnummers) van Het Amsterdamse Bos (2010).

Links

1. https://nl.wikipedia.org/wiki/Brug_516
2. https://archief.amsterdam/inventarissen/file/2e1887aa8e9a9ee64e007344bb3c7acb

Ingezonden door: Marcel Westhoff

Marcel Westhoff

Reacties

Geen reacties voor dit object.

Je moet eerst inloggen voordat je een reactie kan plaatsen.
Als je nog geen account hebt, dan kan je je aanmelden voor een account.